Veel kinderen op de basisschool hebben last van waterwratjes. Waterwratjes zijn niet erg, maar wel lastig.
Waterwratjes zijn kleine gladde bultjes met een roze glans. In het midden zit een centrale navelvorming. Ze komen meestal in groepen voor. Als je kind ze heeft, zitten ze vooral:
- op zijn buik en rug;
- onder zijn oksels;
- in zijn ellebogen;
- in zijn knieholtes;
- in zijn gezicht.
Hoe ontstaan waterwratjes?
Waterwratjes zijn besmettelijk. Je kind krijgt ze door een virus. Kinderen kunnen elkaar gemakkelijk besmetten door elkaars handdoek te gebruiken. En door sporten zoals zwemmen, judo en teamsporten.
Heeft je kind het virus gekregen? Dan krijg hij niet automatisch waterwratjes. Waterwratjes komen waarschijnlijk vaker voor bij jongens dan bij meisjes. Ook kinderen met een allergie hebben meer kans op waterwratjes.
Moet je er iets aan doen?
Meestal verdwijnen de bultjes vanzelf, na ongeveer 9 maanden tot een jaar.
- Zijn het er niet te veel? En heeft je kind er geen last van? Dan hoef je er niets aan te doen.
- Zorg ervoor dat je kind de bultjes niet openkrabt. Want dan zijn ze extra besmettelijk.
- Gaan de bultjes toch open? Dep ze dan met betadine of jodium. En dek ze daarna af met een pleister.
De huisarts kan waterwratjes op twee manieren behandelen:
- aanstippen met een vloeistof (vloeibare stikstof)
- wegschrapen met een scherp lepeltje
Dat doet allebei best pijn. En meestal is één keer weghalen niet genoeg. Denk er daarom goed over na, of het nodig is om de wratjes te behandelen.
Waterwratjes kun je niet voorkomen. Heeft je kind waterwratjes gehad? Dan komen ze meestal niet terug.