Skip Navigation LinksHome » Opvoed- en opgroeitips » Kind met een beperking
 print
  A A A
Kind met een beperking 
Wie een kind heeft met een beperking heeft vaak andere vragen rondom opvoeding en ontwikkeling. Hieronder vind je enkele veelgestelde opvoedvragen van ouders van een kind met een beperking.

Hoe kunnen we de ontwikkeling van ons dochtertje zo goed mogelijk stimuleren?
Hoe kunnen we ervoor zorgen dat onze zoon om leert gaan met activiteiten die anders lopen?
Hoe kunnen we ervoor zorgen dat ons kind beter luistert?
Hoe kunnen wij ons kind leren omgaan met gevoelens van boosheid?
Hoe kunnen wij ons kind leren eenvoudige opdrachtjes uit te voeren?


Hoe kunnen we de ontwikkeling van ons dochtertje zo goed mogelijk stimuleren?
(Vraag van ouders met een kindje van 3 jaar met een verstandelijke beperking)

Antwoord/opvoedtips:

  • Zorg voor een overzichtelijke omgeving met zo min mogelijk prikkels.
  • Kijk en observeer uw kind, wat kan hij al wel en sluit daarbij aan, breidt dat uit.
  • Biedt 1 stuk speelgoed aan, doe het voor, herhaal veel en neem de tijd.
  • Werk in kleine stapjes.

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat onze zoon om leert gaan met activiteiten die anders lopen?
(Vraag van ouders met een kind van 10 jaar met autisme)

Antwoord/opvoedtips:

  • Werk met een 'dagritmebord' met foto’s of pictogrammen
  • Bereid hem/haar voor door te wijzen op de pictogrammen wat er gaat gebeuren.
  • Geef van tevoren aan wanneer een activiteit begint en bijna stopt, zodat er tijd is om te wennen.
  • Geef duidelijke aanwijzingen rond een activiteit over waar, hoe, wat, wie en wanneer.
  • Zorg voor een rustige omgeving met weinig prikkels.                                                        

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat ons kind beter luistert?
(Vraag van ouders met een kind van 15 jaar met een licht verstandelijke beperking)

Antwoord/opvoedtips:

  • Ga met elkaar na wat de reden is van het niet luisteren van uw kind. Vraag ook aan je kind of hem/haar iets dwars zit.
  • Mogelijk begrijpt hij de informatie of opdracht niet, gaan dingen te snel of zit hem/haar iets dwars. Je kind wordt door zijn omgeving misschien wel te hoog ingeschat waardoor hij/zij vaak op zijn tenen moet lopen.
  • Ook kan het niet luisteren een manier van aandacht krijgen zijn. Dit kun je als ouder positief ombuigen door positief gedrag meer te gaan belonen. Vaak neemt het negatieve gedrag dan af.
  • Veel herhalen van regels en een goed overzicht ervan kan helpend zijn. Plaatjes bij tekst komt vaak duidelijker over dan tekst alleen.
  • Belonen van goed gedrag kan ook bij een 15 jarige met een licht verstandelijke beperking werken. Vraag je kind wat hij/zij een leuke beloning vindt.

Hoe kunnen wij ons kind leren omgaan met gevoelens van boosheid?
(
Vraag van ouders met een kind van 15 jaar dat zeer moeilijk lerend is)

Antwoord/opvoedtips:

  • Boosheid is op zich een normaal gevoel. Het kind hoeft deze gevoelens niet te onderdrukken maar hij hoeft zijn boosheid ook niet op anderen te botvieren. Een kind met een verstandelijke handicap heeft vaak een voorbeeld nodig hoe hij/zij met gevoelens om kan gaan.
  • Probeer voor het kind zijn gevoelens en die van anderen te benoemen. Blij, boos, bang, bedroefd. Dit leert hem gevoelens van zichzelf en anderen te herkennen en geeft hem meer inzicht in gedrag van anderen. Hij kan zich beter inleven en zodoende beter reageren op de ander.
  • Tijdens een boze bui kan het kind iets doen om zich af te reageren. Bijvoorbeeld dozen scheuren, krassen op papier, tegen een bal trappen, trampoline springen of boksen. Belangrijk daarbij is dat je erbij blijft en stuurt waar nodig is.

Hoe kunnen wij ons kind leren eenvoudige opdrachtjes uit te voeren?
(Vraag van ouders met een zoon van 8 met autisme)

Antwoord/opvoedtips:

  • Geef het kind korte duidelijke boodschappen. Leg niet uit waarom iets moet of niet mag, hier kan een kind met autisme weinig mee. Zeg: “…(naam van het kind), stoppen met ….”. Of “…( naam van het kind) ga je handen wassen”.
  • Geef een opdracht per keer. “Ga je handen wassen”. Als dit gedaan is de volgende opdracht: “Ga aan tafel zitten”. Etc.
  • Geef bij ongewenst gedrag een gewenste opdracht ervoor in de plaats. “…(naam van het kind), stoppen met …, Ga met je lego spelen”. Of “….(naam van het kind) stoppen met …, we gaan eten”. Etc.
  • Herhaal je opdracht als het kind niet luistert. Ga bij jezelf na of hij de oprdracht wel goed heeft begrepen. (Was de opdracht kort en duidelijk?).
  • Wees consequent in wat je vraagt.
  • Stel geen vraag aan het kind. Dus niet: “kom je eten?” maar in plaats hiervan: “we gaan eten”.

Vragen
Heb je zelf andere vragen over de opvoeding van een kind met een lichamelijke beperking, of lichte verstandelijke beperking, zintuigelijke beperking, niet aangeboren hersenletsel, autisme, chronische ziekte en ontwikkelingsachterstand, neem dan contact op met het CJG.

 
CJG Zeist  |  T 030-8200227  |  info@cjgzeist.nl disclaimer  |  contact  |  colofon